Kleiproductie

De productie van klei kan via een droog of nat/slibproces plaatsvinden. Deze processen hebben een aantal fasen: extractie, menging (indien noodzakelijk), persing en droging. Elke fase behoeft bepaalde vaardigheden en machines voor het meest optimale product voor iedere toepassingen. Klei wordt tijdens de productie regelmatig geanalyseerd om te zorgen voor een consistent product.
 


Onderzoeken en ontwikkelen van een kleigroeve

Geologie

Een afzetting bestaat uit meerdere lagen klei, variërend in deeltjesgrootte, korrelverdeling, samenstelling, mineralogie en oppervlaktegebied. Klei-afzettingen  variëren ook enorm per geografische locatie.

Ontginnen

Ontginnen wordt gedaan met behulp van graafmachines en kiepers. Door middel van terrasbouw wordt iedere kleilaag apart afgegraven en gescheiden gestort in opslagplaatsen om te rijpen.

Rijpen

Klei moet 3 tot 12 maanden rijpen, afhankelijk van de categorie en de tijd die nodig is om de beste kwaliteit te behalen. Plasticiteit en rheologische eigenschappen veranderen door oxidatie. Dit proces beïnvloed op de chemische en fysische eigenschappen van de klei. Het vochtniveau van vers ontgonnen klei ligt tussen 18% en 22% na rijping is dit tussen 13% en 18%.

Hoe wordt klei verwerkt?

Gerijpte ruwe klei wordt voorzichtig gemengd volgens vastgestelde formules om een product te maken met consistente en voorspelbare eigenschappen en gedrag. In de eerste fase wordt de gemengde klei samengeperst in kleinere, regelmatigere klompen (ongeveer 5 cm groot) via een primaire breker en daarna via een secundaire rolbreker. Het product hiervan wordt verkocht als versnipperde of gebroken klei en heeft een vochtniveau van ongeveer 16% 

Droogproces

In het droogproces wordt de klei door een droogbed gehaald, waardoor het vochtniveau verlaagd wordt tussen 10% en 12%. Dit product kan worden verkocht als mechanisch gedroogde klei of wordt doorgestuurd naar de mengwals om verder te worden verwerkt tot luchtgedreven klei.

Nat of specieproces

Het natte of specieproces gebruikt dezelfde primaire en secundaire brekers als het droge proces. Echter, in plaats van een mengsel van ruwe klei in de primaire breker te laden, wordt de ruwe klei in een bepaalde volgorde in een hopper geplaatst zodat verschillende kleisoorten als eerste het proces ingaan voor elke partij. Deze worden dan in een oproertank gevoerd via een lopende band. De oproertank bevat warm water en bepaalde chemicaliën, afhankelijk van het gewenste product. De eerste klei reageert met de chemicaliën om te zorgen voor de verwerking van organische stoffen en lignines die onderdeel vormen van hun samenstelling. Andere kleisoorten volgen naar behoefte. De oproertank mengt dit gedurende een bepaalde periode. Er worden controles uitgevoerd om de dichtheid te testen en analyses uit te voeren. 

Het materiaal wordt dan overgebracht naar zeven, zogenaamde scalper screens, van 0,06 mm. Dan wordt het over verschillende afwerkingszeven van 0,175 mm gepompt, door een ferro-filter en in een opslagtank, waar het wordt onderzocht. 

Na het controleren van de specificaties wordt het materiaal gemengd om de consistentie te verbeteren voor het transport. De producten worden vervoerd als 61% vast of hoger, met tankwagens of -wagons.